Verzamelbeleid

Collectie De Stadshof is langs vele wegen tot stand gekomen. Veel werk is verworven door schenkingen, legaten en bruiklenen. Vaak dankzij intensief netwerken en dankzij de persoonlijke inzet van bevlogen ‘veldwerkers’ die werk direct van de kunstenaars betrokken, exposities in de marge van het kunstgebeuren bezochten, en particuliere verzamelaars, musea en andere instellingen met verzoeken om schenkingen of bruiklenen benaderden.

Veldwerk

Het ‘onderscheidende’ van Collectie De Stadshof is allereerst dat zij als enige publieke collectie in Nederland outsiderkunst verzamelt: werk van mensen die zich niet als kunstenaar profileren en hun creativiteit buiten de kaders en het zicht van het reguliere kunstcircuit ontplooien. Outsider kunstenaars volgen zelden een kunstopleiding, en benaderen galeries niet actief. De outsider schept zijn oeuvre in de regel voor zichzelf, vaak in het verborgene, en zonder gedachten aan artistieke erkenning. Het zijn deze bijzondere productieomstandigheden die maken dat het collectioneren ook anders verloopt dan in het reguliere kunstcircuit. Om werk op het spoor te komen zijn er andere dan de gebruikelijke routes nodig. Belangrijk is de durf om buiten de gebaande paden te treden, eigen intuïties te vertrouwen en kansen te grijpen.

Naïeve kunst

De Stadshof hanteert de term outsiderkunst als paraplu voor wat voorheen naïef en brut werd genoemd, naast ‘aanverwante kunsten’, zoals uitingsvormen die ook wel ‘visionair’, ‘fantastisch’ en zo meer worden genoemd. Om verwarring met andere ‘visionaire’ of ‘fantastische’ tendensen in de kunstgeschiedenis te voorkomen, blijft de kwaliteit van eigenzinnigheid echter altijd cruciaal: een eigenzinnigheid die niet voortkomt uit avant-gardistische motieven (of kunsthistorische reflectie), maar uit een eigen drang tot creatieve expressie in combinatie met met een onwetendheid of onverschilligheid ten opzichte van de kunst. Volkskunst, amateurkunst, kindertekeningen en ‘primitieve’ of tribale kunst vallen niet onder de outsiderkunst, omdat ze per definitie aansluiten bij de tradities van land, regio of scholing.

Hedendaagse outsiders

Door toonaangevende collecties op het gebied van de outsiderkunst, zoals (Dubuffets) Collection de l’art brut in Lausanne, is lang betoogd dat er sinds de jaren zeventig (door de introductie van massamedia, antipsychotische medicatie en resocialisatieprojecten binnen de psychiatrie) geen echte art brut meer wordt gemaakt. Dit is door tal van latere verzamelaars gelogenstraft. Ook zou de jongere outsiderkunst niet meer zo ‘puur’ of onbeïnvloed zou zijn als die uit de zogenaamde ‘gouden eeuw’ van de art brut, ruwweg de periode 1880-1940. Puurheid is echter niet synoniem aan kwaliteit. De Stadshof gaat ervan uit dat er altijd mensen zijn, waren en zullen zijn die buiten de geijkte kaders creatief werk maken. Zie de resultaten van onze verzamelpraktijk op deze website.

Atelierkunst

In Collectie De Stadshof is prachtig werk aanwezig van kunstenaars die in de marge van de maatschappij leven door ernstige vormen van autisme, schizofrenie, of ernstige lichamelijke beperkingen. Sommige van deze creatieven zijn ontdekt via ‘ateliers’. Steeds meer aan de geestelijke gezondheidszorg gebonden ateliers presenteren en verkopen de uitingen van hun cliënten. Deze ateliers zijn mogelijke vindplaatsen van juweeltjes van outsiderkunst. Een kanttekening: Als al het werk dat in ateliers gemaakt wordt het stempel ‘outsiderkunst’ krijgt, ook het conventionele werk dat weinig artistieke kwaliteit bezit, dan krijgt de outsiderkunst in het algemeen een identificatie met ‘gehandicaptenkunst’. Zeker in de media. Hoewel De Stadshof de doelstellingen van deze ateliers kan waarderen en de betrokken kunstenaars geen enkel succes misgunt, ziet zij zich toch gedwongen te protesteren tegen de verwatering en inflatie van de term. De nadruk op de medische achtergrond, die door de ateliers wordt bevorderd, vormt bovendien een obstakel in de artistieke/esthetische waardering van het werk.

Niet-westerse outsiders

De Stadshof onderscheidt zich ook van veel vergelijkbare collecties door haar verzamelterrein niet te beperken tot de landsgrenzen of ‘het westen’. De outsiderkunst werd weliswaar in West-Europa het eerst ‘ontdekt’, of erkend, maar gedefinieerd als een kunst die zich onttrekt aan de dominante kunstproductie binnen een cultuur. Er is geen reden om te veronderstellen dat dit verschijnsel zich tot het westerse cultuurgebied zou beperken. Outsiderkunst is een natuurlijke uiting van alle tijden en culturen. Het herkennen van niet-westerse outsiderkunst is voor westerse verzamelaars echter moeilijker. Om te bepalen of een oeuvre uit de niet-westerse wereld al dan niet tot de outsiderkunst behoort, is kennis nodig van de culturele en sociale context waarin het is ontstaan. Hoe ziet de plaatselijke cultuur in de brede betekenis van het woord, dus ook die van de kunst, eruit en wat is de mentaliteit van de maker? In hoeverre wijkt het werk af van het daar gangbare en is het een sterk persoonsgebonden verbeelding? Voor het beantwoorden van die vragen is onderzoek ter plaatse en contact met de kunstenaar nodig. In elk geval moet de westerse bril hierbij worden afgezet.

Relatie t.o.v. moderne kunst

Rond de outsiderkunst is een circuit ontstaan dat maar weinig relaties onderhoudt met het veel grotere circuit van de moderne en hedendaagse kunst. Romantische liefhebbers zouden de outsiderkunst uit een soort van ‘smetvrees’ het liefst in het verborgene laten of voor zichzelf reserveren. Politiek-correctere liefhebbers zouden uit vrees voor gettovorming, stigmatisering en ongelijke behandeling de outsiderkunst het liefst geheel zien opgaan in de moderne en hedendaagse kunst. Veelal in het geloof dat kwaliteit op de markt vanzelf komt bovendrijven. Hiermee wordt echter miskend dat de typische outsider zich niet op de markt profileert of verhoudt tot andere kunst, en dat dit groot verschil maakt. De Stadshof wil er voor waken dat appels met peren worden vergeleken. Waar de meeste moderne kunst door onderlinge vergelijking kan worden begrepen in termen van voorgangers en vernieuwing, daar is de outsiderkunst een heterogene verzameling van op zichzelf staande en zeer persoonsgebonden oeuvres. De Stadshof ziet kansen voor beide partijen wanneer wordt geopteerd voor openheid met erkenning van verschillen.

Referentie:
Reith, Liesbeth; De Stadshof Collection, An Art Collection’s History, in: Smolders, Frans; Liesbeth Reith en Jos ten Berge; Solitary Creations. 51 Artists out of De Stadshof Collection, Eindhoven 2014.
Ten Berge, Jos; De Stadshof Collection. The search for the homo ludens, in: Allegaert, P., a.o.; Verborgen werelden. Outsider Art in het Museum Dr Guislain, Gent 2007;
Berge, Jos ten (red.); Marginalia. Perspectives on outsider art, Zwolle 2000.